Op 22 februari 2018 werd het slachtoffer van Algerijnse origine door een collega bij Tropiflora onderaan de ladder gevonden. Vijf dagen later bezweek hij in het ziekenhuis aan zijn verwondingen. Uit de autopsie bleek dat de val van ongeveer vier meter hoog een schedeltrauma had veroorzaakt.

Volgens de burgerlijke partij had Tropiflora onvoldoende aandacht voor de veiligheid van het personeel. Zo droeg het slachtoffer bij het witten en kalken van de ruiten van de serre geen helm of veiligheidskledij. Hij was ook alleen aan de slag, terwijl er normaal gezien een collega helpt om de ladder tegen te houden. Om dergelijke werkzaamheden uit te voeren had de werkgever eigenlijk een stelling moeten plaatsen.

Het arbeidsauditoraat stelde vast dat er geen risicoanalyse was uitgevoerd. De bewuste ladder zou ook te kort geweest zijn. "Het was daardoor vooral moeilijk om vanuit de goot terug op de ladder te stappen. Op dat moment moet het misgelopen zijn", aldus Filiep De Ketelaere.

De verdediging pleitte dat het absoluut niet duidelijk is waardoor het slachtoffer van de ladder gevallen is. Daardoor is volgens Sara Torrekens het oorzakelijk verband tussen de werkomstandigheden en het dodelijk ongeval afwezig. Voor de andere inbreuken stelden de advocaten van Tropiflora opschorting van straf voor.

De rechter doet uitspraak op 22 november.

(BELGA)