Geschrapte immomakelaar uit Ardooie opnieuw terecht voor huisjesmelkerij, zware straf dreigt

Redactie KW

Een 39-jarige voormalige immomakelaar uit Ardooie blijft hardleers ongeschikte huisjes aan kwetsbaren verhuren. Daarom zit hij al meer dan 5 maanden achter de tralies en stond hij deze week voor de correctionele rechtbank van Kortrijk terecht wegens huisjesmelkerij. Er hangt hem maar liefst 37 maanden celstraf, een boete van 40.000 euro en de verbeurdverklaring van alle huurinkomsten boven het hoofd.

Kakkerlakken en maden die over de grond liepen, geen elektriciteit, brand- en CO-gevaar, vuile toiletten, water in de kelder, onveilige trappen,… De openbare aanklager schetste geen fraai beeld van de toestand van 17 panden van Kris V. in Ardooie, Meulebeke, Kortrijk, Wingene, Tielt, Moorslede, Pittem, Izegem, Kortemark en Houthulst die hij verhuurde. Vaak aan vluchtelingen of personen in financiële problemen die al blij waren dat ze een dak boven het hoofd hadden. In de panden verbleven 105 huurders.

Kris V. is geen onbekende voor het gerecht. In april 2019 kreeg hij van de rechter nog een boete van 12.000 euro en een voorwaardelijke celstraf omdat hij ondanks een definitieve schrapping door het Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars (BIV) activiteiten als immomakelaar bleef uitoefenen. De tuchtrechtelijke schrapping kwam er in 2016 na een eerdere veroordeling voor huisjesmelkerij.

Bewoners uit huis gezet

Bij controles van de wooninspecteur in 2010 en 2011 bleken vijf van zijn panden in Kortrijk en één in de Veldstraat in Meulebeke niet aan de regels te voldoen. Toch bleef Kris V. de kamers en woningen verhuren. In de Sint-Rochuslaan en Wagenmakerstraat in Kortrijk werden enkele panden zelfs verzegeld en de bewoners uit hun huis gezet. Maar ondanks de definitieve schrapping stelde het openbaar ministerie vast dat V. bleef verder werken als immomakelaar. “Ik heb mijn Belgische activiteiten wel degelijk stopgezet maar ben nu als makelaar in Nederland ingeschreven”, verdedigde hij zich destijds. De rechter veegde toe die argumentatie van tafel en stelde in zijn vonnis dat V. “systematisch en koppig” bleef verder doen en op die manier “concurrentievervalsend” actief was.

Blijkbaar maakte ook die veroordeling weinig indruk. De diensten van het Agentschap Wonen Vlaanderen stelden vast dat V. toch bleef verder doen en de verhuurde panden in erbarmelijke staat waren. “De panden waren alle in goede staat toen de verhuur startte”, verdedigden V. en zijn advocaat zich. “Maar de huurders hebben er geen zorg voor gedragen en de boel omgewoond.” V. vroeg net als zijn vennootschap, een vriend en zijn moeder, die mee terecht stonden als stromannen, de vrijspraak. Vonnis op 22 november.

(LSi)

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.