Op 19 september 2018 fietste de beklaagde naar de bewuste tattooshop in de Christinastraat in Oostende. Meermaals gooide hij een baksteen tegen het raam, maar pas bij de derde poging slaagde hij er in om het glas te breken. Ondertussen was de politie ter plaatse en werd Kim J. ingerekend.

Op zijn proces kwam de Oostendenaar met een nogal aparte verklaring op de proppen. Enkele maanden eerder had J. naar eigen zeggen zijn eigen tatoeage ontworpen. Dat ontwerp liet hij toen door de zaakvoerder op zijn hand tatoeëren. "Plots gebruikte hij die tattoo als logo voor zijn zaak. Eigenlijk zou ik klacht tegen hem moeten indienen", zei de beklaagde.

Volgens de verdediging bood J. diezelfde dag al zijn excuses aan voor het vandalisme. Meester Patrick Bernard Martens vroeg een mildere straf dan de vier maanden cel die het openbaar ministerie had gevorderd.

Door een verslaving aan amfetamines en heroïne kwam de beklaagde al meermaals met het gerecht in aanraking. Zo kreeg hij in december 2017 twee jaar effectieve celstraf voor een gewapende overval op een apotheek. J. pleegde die feiten naar eigen zeggen omdat hij terug naar de gevangenis wilde. Volgens zijn advocaat is hij ondertussen wel al een hele tijd drugsvrij.

(Belga)