Op 5 juni 2018 bevonden Filip D., Heidi L. en haar nieuwe vriend zich in haar woning in Eernegem. Toen haar ex-partner R.C. langs kwam, gingen de poppen aan het dansen. Filip D. ging het slachtoffer met een keukenmes te lijf en stak hem in de arm. In eerste instantie werden de beklaagden verdacht van moordpoging, maar dat werd later bijgesteld naar slagen en verwondingen met voorbedachtheid.

Over de precieze omstandigheden bestaat veel onduidelijkheid. In ieder geval verklaarde de nieuwe vriend dat D. zich had verstopt ter hoogte van de voordeur. Toch bleef L. beweren dat ze haar ex-vriend niet bewust naar haar huis had gelokt. Ze wist naar eigen zeggen niet wat D. van plan was.

De rechter oordeelde dat de vrouw wel degelijk haar rol speelde in de feiten. Ze werkte bewust mee door haar ex-vriend in een bericht uit te nodigen voor een gesprek. Anderzijds verzweeg ze aan de politie eerst dat D. eerder ter plaatse was. Volgens de rechter is het ook onwaarschijnlijk dat ze die avond niet minstens over de komst van R.C. zou verteld hebben. Uit het onderzoek bleek ook dat ze de Roeselarenaar altijd mocht bellen, wanneer ze problemen had met haar ex-partner.

Filip D. hoopte op een werkstraf, maar werd veroordeeld tot een jaar effectieve gevangenisstraf. In het vonnis werd verwezen naar het uitgebreide strafblad van de beklaagde. Zo kreeg hij in april 2018 in Veurne nog 18 maanden voorwaardelijke celstraf voor drugsfeiten. L. kreeg uiteindelijk zes maanden gevangenisstraf en 400 euro boete opgelegd, allebei voor de helft met uitstel. Voor het bezit van een busje pepperspray werd ze veroordeeld tot 800 euro boete, waarvan 200 euro effectief.

(BELGA)