Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck: “Nooit gedacht dat mensen zo slecht kunnen zijn”

Hannes Hosten

“Soms weet ik al na een kwartier meer dan genoeg.” Hans Hellebuyck (56) was als gerechtspsychiater betrokken bij spraakmakende zaken, zoals de Kasteelmoord, de Diaken des Doods en het proces van Kim De Gelder. De dokter uit Middelkerke zit al bijna 25 jaar in het vak en onderzoekt elk jaar honderden daders, meestal moordenaars. Zijn taak? Oordelen of iemand toerekeningsvatbaar en gevaarlijk is. “Toen ik startte, had ik een beter mensbeeld.”

“Ik vind het programma wat saai.” Hans Hellebuyck verrast ons bij het begin van het interview. De gerechtspsychiater opgegroeid in Oost-Vlaanderen als zoon van een West-Vlaamse vader en een Nederlandse moeder loopt niet zo hoog op met de Canvasreeks Misdaaddokters. Gilles De Coster interviewt er zijn collega’s en ook Hans Hellebuyck zelf mag er de komende twee weken vertellen over zijn rijkgevulde carrière. “Maar goed, wie er niets van kent en nog nooit met ons werk in aanraking kwam, zal het ongetwijfeld boeiend vinden.”

Gerechtspsychiater, hoe word je dat?

“Ikzelf startte mijn loopbaan in een psychiatrisch ziekenhuis in Ieper. Roger Deberdt was daar hoofdgeneesheer, maar ook een van de bekendste gerechtspsychiaters in Vlaanderen. Door hem rolde ik in het vak. Toen waren er nog geen speciale vereisten, maar door een nieuwe wet moeten toekomstige forensische psychiaters lessen volgen en stage lopen.”

Jullie moeten een dader helemaal doorgronden. Hoe pakt u dat aan?

“Vroeger ging ik voor eenvoudige zaken langs bij familieleden en kennissen om vragen te stellen over de beschuldigde. Nu heb ik daar geen tijd meer voor. Ik baseer me op het verslag, waardoor ik soms wat te vriendelijk ben, en er is ook een gesprek. Daders doen zich dan natuurlijk beter voor dan ze zijn. Ik vraag naar biografische gegevens, hun voorgeschiedenis, ook op medisch en psychiatrisch vlak, middelengebruik… Als er waanideeën zijn of psychotische verschijnselen, dan ga ik daar op door. Dat zien we de laatste jaren veel vaker dan vroeger. En dat komt door cannabisgebruik.”

Als daders aan een geestesziekte lijden, is het meestal paranoia. Dat is niet altijd makkelijk vast te stellen.

Kan u uit dat gesprek afleiden of iemand gevaarlijk is?

“Soms wel, als de dader genoeg informatie geeft. Maar soms voel je dat ze veel verzwijgen of rond de pot draaien. Om aan te tonen dat iemand gevaarlijk is, heb je gegevens nodig. Het strafblad, de juridische voorgeschiedenis, karaktertrekken…”

Een man die in een vlaag van woede zijn vrouw vermoordt, is die gevaarlijk?

“Als die een voorgeschiedenis heeft van partnermishandeling, dan is de kans redelijk groot hé. Maar als die man nooit eerder iets uitspookte, zal ik concluderen dat hij niet gevaarlijk is. Ik maakte het mee: een aangename, rustige, brave mens die geschoten had op zijn partner. Gelukkig voor hem was ze niet dood. Die man kreeg geen gevangenisstraf.”

Toerekeningsvatbaarheid, kan u dat als psychiater makkelijk beoordelen?

“Dat zie je niet altijd onmiddellijk. Als daders aan een geestesziekte lijden, is het meestal paranoia. Zij functioneren over het algemeen redelijk goed, maar zijn in staat feiten te plegen. Ze zien hun omgeving als gevaarlijk en willen zich verdedigen. Dat is niet altijd makkelijk vast te stellen. Ik herinner mij een man die iemand geld had geleend om een zaak te starten. De zaak ging failliet, hij kreeg zijn geld niet terug en begon die andere te stalken en zelfs doodsbedreigingen te uiten.”

En die was paranoïde?

“Ja. Het was een deftig man, een leerkracht. Ik ging bij hem thuis langs. Het was daar kraaknet, perfect geordend, precies niet bewoond. Ik sprak hem een uur en vond niets abnormaals. Hij was erg gereserveerd, maar ik kon geen ziekte aantonen en deed dus de boeken dicht. Maar toen ik bij het afsluiten van het gesprek vertelde dat ik psychiater was, zei hij: ‘Je weet toch dat ik twee levens heb?’. Hij begon de toekomst te voorspellen, rare verbanden te leggen… Hij was zwaar ziek, maar bijna had ik dat nooit gezien.”

Niet te verwonderen dat er soms discussie is over jullie oordeel.

“Het is niet makkelijk paranoïde mensen te doen babbelen. Ze zijn van nature achterdochtig en moeten je wat vertrouwen voor ze dat vertellen. Het kan dus inderdaad gebeuren dat een collega tot een andere conclusie komt. Bij een assisenzaak worden in West-Vlaanderen normaal drie psychiaters aangesteld. Meestal komen wij goed overeen. Als er verschillende meningen zijn, maken we dat duidelijk in het verslag. Maar bij tegenexpertises geldt soms de lijfspreuk: diens brood men eet, diens woord men spreekt.”

Wat advocaten op assisenprocessen zeggen, is er soms zó over. Het is aangenaam met deftige advocaten, maar het zijn altijd dezelfden die lastig doen.

Stopt u veel tijd in uw expertises?

“Er zijn jaren geweest dat ik 300 mensen onderzocht, maar nu doe ik er nog 150 per jaar. Het grootste werk is het bestuderen van de dossiers en het schrijven van je verslag. Gelukkig kan je dat ‘s nachts doen. Ik heb maar een vijftal uur slaap nodig. Bij een heel eenvoudige zaak heb ik een uur nodig om de betrokkene te zien en een uur of drie om mijn verslag te schrijven. Voor assisenzaken of heel ingewikkelde zaken heb ik toch snel één tot twee dagen nodig.”

Ik vond een artikel over een zaak waarin de advocaat u verweet dat u de dader maar tien minuten gesproken had.

(schamper) “Dat hoor ik al van de eerste dag en altijd van dezelfde advocaten. Dat zeggen ze niet alleen over mij, maar ook over collega’s. Dat is absoluut nooit waar. Ook niet als de dader niet wil meewerken, want dan maken we geen verslag op. Het is soms wel zo dat je in een kwartier meer dan genoeg weet. Als je al bij verhoren bent geweest, bij de wedersamenstelling… weet je zelfs al genoeg voor je de dader ziet in de gevangenis.”

U onderzocht ‘Diaken des Doods’ Ivo Poppe uit Wevelgem, die senioren ombracht in een ziekenhuis in Menen.

“Daar ging de discussie over het aantal slachtoffers. Dat verminderde altijd maar. Waarschijnlijk dacht hij: hoe minder slachtoffers ik beken, hoe minder lang ik zal zitten. Maar we hebben hem toerekeningsvatbaar verklaard en gevaarlijk. Er zijn maar weinig mensen die in hun leven meer dan één moord plegen hé.”

Waarom deed hij dat?

“Eén keer gaf hij aan mij toe dat het was uit een almachtsgevoel. Ik zie ook geen andere reden.”

Was u betrokken bij de zaak van de Kasteelmoord?

“Heel zijdelings. Ik heb enkel Pierre Serry gezien, de organisator van de moord. Dokter André Gyselbrecht, de opdrachtgever, wou niet meewerken aan een psychiatrisch onderzoek. Zijn advocaat Johan Platteau raadt zijn cliënten dat systematisch af.”

Een slimme strategie?

“Platteau kiest altijd gevallen die niet meer te redden zijn. In tegenstelling tot Jef Vermassen, die liefst mensen verdedigt die je wel goed kan praten. Maar bij André Gyselbrecht leverde het alleszins niet veel op.” (Hij werd veroordeeld tot 27 jaar cel, maar er volgt nog een uitspraak in beroep, red.)

Tot nu toe werd ik heel slecht, veel te laat of soms helemaal niet betaald. Toch ga ik door, de drang is te groot.

Johan Platteau stelde tijdens het proces van de Kasteelmoord dat hij u voor geen haar vertrouwt.

“Wat advocaten op assisenprocessen zeggen, is er soms zó over. Het is aangenaam met deftige advocaten, maar het zijn altijd dezelfden die lastig doen. Met Platteau als advocaat mag je een uur extra rekenen op het proces. Er was ook eens een advocaat die al begon te schelden voor ik iets had gezegd. Het is erg dat de voorzitter en de stafhouder dat blijkbaar normaal vinden. (windt zich op) En eigenlijk is een psychiater op assisen niet eens nodig. Dat ze hun poppenkast zelf spelen!”

Doet u het nog altijd graag?

(knikt) “Ook al heb ik na al die jaren veel déjà vu’s, ik blijf het een aangename afwisseling vinden met mijn ander werk bij het AZ Sint-Jan in Oostende. Ik zie nog altijd nieuwe dingen. Elke dader is uniek.”

Wordt u eigenlijk goed betaald?

“Tot nu toe werd ik heel slecht, veel te laat of soms helemaal niet betaald. Maar sinds kort is het honorarium fors verhoogd. Je krijgt nu een forfait per zaak, 1.400 euro. Voor eenvoudige zaken krijg je nu te veel, maar voor een assisenzaak is het veel minder dan vroeger. Dan moeten we datzelfde bedrag met zijn drieën delen. Maar er zijn meer eenvoudige zaken dan ingewikkelde, waardoor je nu alles bij elkaar redelijk verdient. (zwijgt even) Ondanks de onbetaalde facturen ga ik door. De drang is te groot.”

Tot slot, wat hebt u na al die jaren geleerd over de mens?

“Toen ik startte, had ik een beter mensbeeld… Nooit gedacht dat mensen zo slecht konden zijn. Meestal informeer ik mij voor ik iemand ga spreken in de gevangenis. Als ik dat door omstandigheden nog niet heb kunnen doen, hou ik er rekening mee dat daders zich beter voordoen dat ze zijn. Maar achteraf blijken ze nog veel slechter dan ik had gedacht. Als ik hun dossier niet zou lezen, ik zou er nog altijd in lopen.”

Hans Hellebuyck over drie van zijn spraakmakende zaken

De feiten

In het voorjaar van 2004 komt Jean-Pierre Decommere, intussen overleden, helemaal onder het bloed aan op het appartement van zijn nieuwe vriendin in Koksijde. Zij belt de politie, waarop die besluit om het appartement van de man in Sint-Idesbald te doorzoeken. Ze vinden er het lijk van Annie Devos, zijn vorige vriendin. Haar hoofd ontbreekt.

Het onderzoek

Decommere legt al snel bekentenissen af. Twee weken eerder had hij zijn vriendin het hoofd in geslagen, dat hoofd afgezaagd en gedumpt in een vuilniscontainer. Tijdens het psychiatrisch onderzoek bekent hij een tweede moord, elf jaar eerder, op zijn toenmalige echtgenote Annie Cloet. Zij was dood aangetroffen in bad, de polsen overgesneden. Haar overlijden was geklasseerd als zelfmoord.

De dader

“Het is aan mij dat Decommere die eerste moord bekende”, vertelt Hans Hellebuyck. “De speurders zeiden me vooraf dat het zeker zelfmoord was. Toen ik hem ging spreken in de gevangenis, vroeg ik: ‘Zal de jury geloven dat het zelfmoord was?’. Ik mag niet zeggen ‘je liegt’, want dan kan ik gewraakt worden. Daarom vroeg ik het met een omweg. Tot mijn verbazing zei hij onmiddellijk: ‘Nee, dat was moord’. Ik vroeg me af waarom hij dat plots bekende. Eigenlijk was dat niet verstandig. Maar toen bleek dat hij een krant gelezen had, waarin de vader van Annie Cloet vertelde dat hij er zeker van was dat zijn dochter destijds vermoord was. Decommere interpreteerde dat justitie dat ook al wist…. De volgende dag kreeg hij onder zijn voeten van zijn advocaat en probeerde hij zijn bekentenis nog in te trekken, maar dat is niet meer gelukt.”

De ‘onthoofder’: “Tegen mij bekende hij eerdere moord”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

In het voorjaar van 2004 komt Jean-Pierre Decommere, intussen overleden, helemaal onder het bloed aan op het appartement van zijn nieuwe vriendin in Koksijde. Zij belt de politie, waarop die besluit om het appartement van de man in Sint-Idesbald te doorzoeken. Ze vinden er het lijk van Annie Devos, zijn vorige vriendin. Haar hoofd ontbreekt.

Het onderzoek

Decommere legt al snel bekentenissen af. Twee weken eerder had hij zijn vriendin het hoofd in geslagen, dat hoofd afgezaagd en gedumpt in een vuilniscontainer. Tijdens het psychiatrisch onderzoek bekent hij een tweede moord, elf jaar eerder, op zijn toenmalige echtgenote Annie Cloet. Zij was dood aangetroffen in bad, de polsen overgesneden. Haar overlijden was geklasseerd als zelfmoord.

De dader

“Het is aan mij dat Decommere die eerste moord bekende”, vertelt Hans Hellebuyck. “De speurders zeiden me vooraf dat het zeker zelfmoord was. Toen ik hem ging spreken in de gevangenis, vroeg ik: ‘Zal de jury geloven dat het zelfmoord was?’. Ik mag niet zeggen ‘je liegt’, want dan kan ik gewraakt worden. Daarom vroeg ik het met een omweg. Tot mijn verbazing zei hij onmiddellijk: ‘Nee, dat was moord’. Ik vroeg me af waarom hij dat plots bekende. Eigenlijk was dat niet verstandig. Maar toen bleek dat hij een krant gelezen had, waarin de vader van Annie Cloet vertelde dat hij er zeker van was dat zijn dochter destijds vermoord was. Decommere interpreteerde dat justitie dat ook al wist…. De volgende dag kreeg hij onder zijn voeten van zijn advocaat en probeerde hij zijn bekentenis nog in te trekken, maar dat is niet meer gelukt.”

De ‘onthoofder’: “Tegen mij bekende hij eerdere moord”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

In het voorjaar van 2004 komt Jean-Pierre Decommere, intussen overleden, helemaal onder het bloed aan op het appartement van zijn nieuwe vriendin in Koksijde. Zij belt de politie, waarop die besluit om het appartement van de man in Sint-Idesbald te doorzoeken. Ze vinden er het lijk van Annie Devos, zijn vorige vriendin. Haar hoofd ontbreekt.

Het onderzoek

Decommere legt al snel bekentenissen af. Twee weken eerder had hij zijn vriendin het hoofd in geslagen, dat hoofd afgezaagd en gedumpt in een vuilniscontainer. Tijdens het psychiatrisch onderzoek bekent hij een tweede moord, elf jaar eerder, op zijn toenmalige echtgenote Annie Cloet. Zij was dood aangetroffen in bad, de polsen overgesneden. Haar overlijden was geklasseerd als zelfmoord.

De dader

“Het is aan mij dat Decommere die eerste moord bekende”, vertelt Hans Hellebuyck. “De speurders zeiden me vooraf dat het zeker zelfmoord was. Toen ik hem ging spreken in de gevangenis, vroeg ik: ‘Zal de jury geloven dat het zelfmoord was?’. Ik mag niet zeggen ‘je liegt’, want dan kan ik gewraakt worden. Daarom vroeg ik het met een omweg. Tot mijn verbazing zei hij onmiddellijk: ‘Nee, dat was moord’. Ik vroeg me af waarom hij dat plots bekende. Eigenlijk was dat niet verstandig. Maar toen bleek dat hij een krant gelezen had, waarin de vader van Annie Cloet vertelde dat hij er zeker van was dat zijn dochter destijds vermoord was. Decommere interpreteerde dat justitie dat ook al wist…. De volgende dag kreeg hij onder zijn voeten van zijn advocaat en probeerde hij zijn bekentenis nog in te trekken, maar dat is niet meer gelukt.”

De feiten

Bernard Wesphael, Waals Parlementslid en medestichter van Ecolo, werd in november 2013 aangehouden op verdenking van moord op zijn vrouw in een Oostendse hotelkamer. In oktober 2016 sprak het hof van assisen in Bergen hem vrij omdat er te veel twijfel bleef.

Het proces

“Dat proces verliep niet serieus”, is de stellige overtuiging van Hans Hellebuyck, die Bernard Wesphael onderzocht. “Ik hield er mijn uiteenzetting. Daarna kwamen de tegenexperten aan het woord, maar ik kreeg de mogelijkheid niet meer om te repliceren. Wesphael werd vrijgesproken op basis van twijfel. Ik vraag me af waarom de voorzitter niet het nodige heeft gedaan om die twijfel weg te nemen. Door verder onderzoek te bevelen of nog getuigen op te roepen.”

“Zijn vrouw gestorven aan een dodelijke mix van pillen en drank? Ze had minder dan 3 promille in haar bloed. Daarvan ga zelfs ik niet dood en ik drink normaal niet”, schampert Hellebuyck. “En in haar maag werden geen pillen gevonden. Voor het proces was ik er 100 procent van overtuigd dat Wesphael veroordeeld zou worden.”

“Hoe die zaak in de pers kwam, grenst aan het onwaarschijnlijke. Er zijn heel negatieve dingen geschreven over het Brugse parket, de onderzoeksrechter en de gerechtelijke politie. Terwijl die mensen hun werk heel serieus gedaan hebben.”

De dader

“Wesphael is een marginaal, die zelfs bij zijn partij in diskrediet was geraakt. Hij had zijn huis moeten verkopen om schulden te betalen. Een mislukkeling op alle vlakken. Ik heb veel vragen bij zijn vrijspraak. Maar de rechter in Bergen, dat was gene gewone.”

De ‘onthoofder’: “Tegen mij bekende hij eerdere moord”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

In het voorjaar van 2004 komt Jean-Pierre Decommere, intussen overleden, helemaal onder het bloed aan op het appartement van zijn nieuwe vriendin in Koksijde. Zij belt de politie, waarop die besluit om het appartement van de man in Sint-Idesbald te doorzoeken. Ze vinden er het lijk van Annie Devos, zijn vorige vriendin. Haar hoofd ontbreekt.

Het onderzoek

Decommere legt al snel bekentenissen af. Twee weken eerder had hij zijn vriendin het hoofd in geslagen, dat hoofd afgezaagd en gedumpt in een vuilniscontainer. Tijdens het psychiatrisch onderzoek bekent hij een tweede moord, elf jaar eerder, op zijn toenmalige echtgenote Annie Cloet. Zij was dood aangetroffen in bad, de polsen overgesneden. Haar overlijden was geklasseerd als zelfmoord.

De dader

“Het is aan mij dat Decommere die eerste moord bekende”, vertelt Hans Hellebuyck. “De speurders zeiden me vooraf dat het zeker zelfmoord was. Toen ik hem ging spreken in de gevangenis, vroeg ik: ‘Zal de jury geloven dat het zelfmoord was?’. Ik mag niet zeggen ‘je liegt’, want dan kan ik gewraakt worden. Daarom vroeg ik het met een omweg. Tot mijn verbazing zei hij onmiddellijk: ‘Nee, dat was moord’. Ik vroeg me af waarom hij dat plots bekende. Eigenlijk was dat niet verstandig. Maar toen bleek dat hij een krant gelezen had, waarin de vader van Annie Cloet vertelde dat hij er zeker van was dat zijn dochter destijds vermoord was. Decommere interpreteerde dat justitie dat ook al wist…. De volgende dag kreeg hij onder zijn voeten van zijn advocaat en probeerde hij zijn bekentenis nog in te trekken, maar dat is niet meer gelukt.”

De zaak-Wesphael: “Heel veel vragen bij zijn vrijspraak”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

Bernard Wesphael, Waals Parlementslid en medestichter van Ecolo, werd in november 2013 aangehouden op verdenking van moord op zijn vrouw in een Oostendse hotelkamer. In oktober 2016 sprak het hof van assisen in Bergen hem vrij omdat er te veel twijfel bleef.

Het proces

“Dat proces verliep niet serieus”, is de stellige overtuiging van Hans Hellebuyck, die Bernard Wesphael onderzocht. “Ik hield er mijn uiteenzetting. Daarna kwamen de tegenexperten aan het woord, maar ik kreeg de mogelijkheid niet meer om te repliceren. Wesphael werd vrijgesproken op basis van twijfel. Ik vraag me af waarom de voorzitter niet het nodige heeft gedaan om die twijfel weg te nemen. Door verder onderzoek te bevelen of nog getuigen op te roepen.”

“Zijn vrouw gestorven aan een dodelijke mix van pillen en drank? Ze had minder dan 3 promille in haar bloed. Daarvan ga zelfs ik niet dood en ik drink normaal niet”, schampert Hellebuyck. “En in haar maag werden geen pillen gevonden. Voor het proces was ik er 100 procent van overtuigd dat Wesphael veroordeeld zou worden.”

“Hoe die zaak in de pers kwam, grenst aan het onwaarschijnlijke. Er zijn heel negatieve dingen geschreven over het Brugse parket, de onderzoeksrechter en de gerechtelijke politie. Terwijl die mensen hun werk heel serieus gedaan hebben.”

De dader

“Wesphael is een marginaal, die zelfs bij zijn partij in diskrediet was geraakt. Hij had zijn huis moeten verkopen om schulden te betalen. Een mislukkeling op alle vlakken. Ik heb veel vragen bij zijn vrijspraak. Maar de rechter in Bergen, dat was gene gewone.”

De ‘onthoofder’: “Tegen mij bekende hij eerdere moord”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

In het voorjaar van 2004 komt Jean-Pierre Decommere, intussen overleden, helemaal onder het bloed aan op het appartement van zijn nieuwe vriendin in Koksijde. Zij belt de politie, waarop die besluit om het appartement van de man in Sint-Idesbald te doorzoeken. Ze vinden er het lijk van Annie Devos, zijn vorige vriendin. Haar hoofd ontbreekt.

Het onderzoek

Decommere legt al snel bekentenissen af. Twee weken eerder had hij zijn vriendin het hoofd in geslagen, dat hoofd afgezaagd en gedumpt in een vuilniscontainer. Tijdens het psychiatrisch onderzoek bekent hij een tweede moord, elf jaar eerder, op zijn toenmalige echtgenote Annie Cloet. Zij was dood aangetroffen in bad, de polsen overgesneden. Haar overlijden was geklasseerd als zelfmoord.

De dader

“Het is aan mij dat Decommere die eerste moord bekende”, vertelt Hans Hellebuyck. “De speurders zeiden me vooraf dat het zeker zelfmoord was. Toen ik hem ging spreken in de gevangenis, vroeg ik: ‘Zal de jury geloven dat het zelfmoord was?’. Ik mag niet zeggen ‘je liegt’, want dan kan ik gewraakt worden. Daarom vroeg ik het met een omweg. Tot mijn verbazing zei hij onmiddellijk: ‘Nee, dat was moord’. Ik vroeg me af waarom hij dat plots bekende. Eigenlijk was dat niet verstandig. Maar toen bleek dat hij een krant gelezen had, waarin de vader van Annie Cloet vertelde dat hij er zeker van was dat zijn dochter destijds vermoord was. Decommere interpreteerde dat justitie dat ook al wist…. De volgende dag kreeg hij onder zijn voeten van zijn advocaat en probeerde hij zijn bekentenis nog in te trekken, maar dat is niet meer gelukt.”

De zaak-Wesphael: “Heel veel vragen bij zijn vrijspraak”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

Bernard Wesphael, Waals Parlementslid en medestichter van Ecolo, werd in november 2013 aangehouden op verdenking van moord op zijn vrouw in een Oostendse hotelkamer. In oktober 2016 sprak het hof van assisen in Bergen hem vrij omdat er te veel twijfel bleef.

Het proces

“Dat proces verliep niet serieus”, is de stellige overtuiging van Hans Hellebuyck, die Bernard Wesphael onderzocht. “Ik hield er mijn uiteenzetting. Daarna kwamen de tegenexperten aan het woord, maar ik kreeg de mogelijkheid niet meer om te repliceren. Wesphael werd vrijgesproken op basis van twijfel. Ik vraag me af waarom de voorzitter niet het nodige heeft gedaan om die twijfel weg te nemen. Door verder onderzoek te bevelen of nog getuigen op te roepen.”

“Zijn vrouw gestorven aan een dodelijke mix van pillen en drank? Ze had minder dan 3 promille in haar bloed. Daarvan ga zelfs ik niet dood en ik drink normaal niet”, schampert Hellebuyck. “En in haar maag werden geen pillen gevonden. Voor het proces was ik er 100 procent van overtuigd dat Wesphael veroordeeld zou worden.”

“Hoe die zaak in de pers kwam, grenst aan het onwaarschijnlijke. Er zijn heel negatieve dingen geschreven over het Brugse parket, de onderzoeksrechter en de gerechtelijke politie. Terwijl die mensen hun werk heel serieus gedaan hebben.”

De dader

“Wesphael is een marginaal, die zelfs bij zijn partij in diskrediet was geraakt. Hij had zijn huis moeten verkopen om schulden te betalen. Een mislukkeling op alle vlakken. Ik heb veel vragen bij zijn vrijspraak. Maar de rechter in Bergen, dat was gene gewone.”

De ‘onthoofder’: “Tegen mij bekende hij eerdere moord”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

In het voorjaar van 2004 komt Jean-Pierre Decommere, intussen overleden, helemaal onder het bloed aan op het appartement van zijn nieuwe vriendin in Koksijde. Zij belt de politie, waarop die besluit om het appartement van de man in Sint-Idesbald te doorzoeken. Ze vinden er het lijk van Annie Devos, zijn vorige vriendin. Haar hoofd ontbreekt.

Het onderzoek

Decommere legt al snel bekentenissen af. Twee weken eerder had hij zijn vriendin het hoofd in geslagen, dat hoofd afgezaagd en gedumpt in een vuilniscontainer. Tijdens het psychiatrisch onderzoek bekent hij een tweede moord, elf jaar eerder, op zijn toenmalige echtgenote Annie Cloet. Zij was dood aangetroffen in bad, de polsen overgesneden. Haar overlijden was geklasseerd als zelfmoord.

De dader

“Het is aan mij dat Decommere die eerste moord bekende”, vertelt Hans Hellebuyck. “De speurders zeiden me vooraf dat het zeker zelfmoord was. Toen ik hem ging spreken in de gevangenis, vroeg ik: ‘Zal de jury geloven dat het zelfmoord was?’. Ik mag niet zeggen ‘je liegt’, want dan kan ik gewraakt worden. Daarom vroeg ik het met een omweg. Tot mijn verbazing zei hij onmiddellijk: ‘Nee, dat was moord’. Ik vroeg me af waarom hij dat plots bekende. Eigenlijk was dat niet verstandig. Maar toen bleek dat hij een krant gelezen had, waarin de vader van Annie Cloet vertelde dat hij er zeker van was dat zijn dochter destijds vermoord was. Decommere interpreteerde dat justitie dat ook al wist…. De volgende dag kreeg hij onder zijn voeten van zijn advocaat en probeerde hij zijn bekentenis nog in te trekken, maar dat is niet meer gelukt.”

De feiten

Hans Hellebuyck onderzocht destijds Kim De Gelder, de jongeman die in januari 2009 een bloedbad aanrichtte in het kinderdagverblijf Fabeltjesland in Dendermonde. Tijdens het onderzoek bleek dat hij een week eerder ook een bejaarde boerin had vermoord in Vrasene. Momenteel loopt een procedure om de intussen 30-jarige man ontoerekeningsvatbaar te laten verklaren. Hij zou schizofreen zijn.

Het onderzoek

“Als er discussie is tussen gerechtspsychiaters, gaat het meestal over persoonlijkheidsstoornissen”, zegt Hans Hellebuyck. “Het zijn afwijkende karakters, waardoor mensen niet meer goed functioneren. Naar mijn mening zijn zij wel toerekeningsvatbaar. Ze weten heel goed dat ze een crimineel feit plegen. Het mooiste voorbeeld is Kim De Gelder. Of hij toerekeningsvatbaar is? Natuurlijk, ja! Alle politiemensen zagen het onmiddellijk: dat was iemand die een ziekte veinsde.”

“De Gelder ontoerekeningsvatbaar? Dat is waanzin! Dat kan gewoon niet”, vindt Hans Hellebuyck. “Dat is hetzelfde als zeggen dat hij onschuldig is. En een schizofreen kan je vrij goed behandelen. Dan zou hij na de behandeling ook vrijgelaten kunnen worden.”

De dader

“De eerste moord van Kim De Gelder op die bejaarde dame, dat was een perfecte moord. Een schizofreen is daar niet toe in staat. Een gestoord karakter wel. Maar ontoerekeningsvatbaar? Bah nee! Zijn ouders hadden jaren voor de feiten al geprobeerd om hem te laten colloqueren, maar het is niet gelukt. Omdat de psychiater toen ook geen psychose had vastgesteld.”

De zaak-Wesphael: “Heel veel vragen bij zijn vrijspraak”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

Bernard Wesphael, Waals Parlementslid en medestichter van Ecolo, werd in november 2013 aangehouden op verdenking van moord op zijn vrouw in een Oostendse hotelkamer. In oktober 2016 sprak het hof van assisen in Bergen hem vrij omdat er te veel twijfel bleef.

Het proces

“Dat proces verliep niet serieus”, is de stellige overtuiging van Hans Hellebuyck, die Bernard Wesphael onderzocht. “Ik hield er mijn uiteenzetting. Daarna kwamen de tegenexperten aan het woord, maar ik kreeg de mogelijkheid niet meer om te repliceren. Wesphael werd vrijgesproken op basis van twijfel. Ik vraag me af waarom de voorzitter niet het nodige heeft gedaan om die twijfel weg te nemen. Door verder onderzoek te bevelen of nog getuigen op te roepen.”

“Zijn vrouw gestorven aan een dodelijke mix van pillen en drank? Ze had minder dan 3 promille in haar bloed. Daarvan ga zelfs ik niet dood en ik drink normaal niet”, schampert Hellebuyck. “En in haar maag werden geen pillen gevonden. Voor het proces was ik er 100 procent van overtuigd dat Wesphael veroordeeld zou worden.”

“Hoe die zaak in de pers kwam, grenst aan het onwaarschijnlijke. Er zijn heel negatieve dingen geschreven over het Brugse parket, de onderzoeksrechter en de gerechtelijke politie. Terwijl die mensen hun werk heel serieus gedaan hebben.”

De dader

“Wesphael is een marginaal, die zelfs bij zijn partij in diskrediet was geraakt. Hij had zijn huis moeten verkopen om schulden te betalen. Een mislukkeling op alle vlakken. Ik heb veel vragen bij zijn vrijspraak. Maar de rechter in Bergen, dat was gene gewone.”

De ‘onthoofder’: “Tegen mij bekende hij eerdere moord”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

In het voorjaar van 2004 komt Jean-Pierre Decommere, intussen overleden, helemaal onder het bloed aan op het appartement van zijn nieuwe vriendin in Koksijde. Zij belt de politie, waarop die besluit om het appartement van de man in Sint-Idesbald te doorzoeken. Ze vinden er het lijk van Annie Devos, zijn vorige vriendin. Haar hoofd ontbreekt.

Het onderzoek

Decommere legt al snel bekentenissen af. Twee weken eerder had hij zijn vriendin het hoofd in geslagen, dat hoofd afgezaagd en gedumpt in een vuilniscontainer. Tijdens het psychiatrisch onderzoek bekent hij een tweede moord, elf jaar eerder, op zijn toenmalige echtgenote Annie Cloet. Zij was dood aangetroffen in bad, de polsen overgesneden. Haar overlijden was geklasseerd als zelfmoord.

De dader

“Het is aan mij dat Decommere die eerste moord bekende”, vertelt Hans Hellebuyck. “De speurders zeiden me vooraf dat het zeker zelfmoord was. Toen ik hem ging spreken in de gevangenis, vroeg ik: ‘Zal de jury geloven dat het zelfmoord was?’. Ik mag niet zeggen ‘je liegt’, want dan kan ik gewraakt worden. Daarom vroeg ik het met een omweg. Tot mijn verbazing zei hij onmiddellijk: ‘Nee, dat was moord’. Ik vroeg me af waarom hij dat plots bekende. Eigenlijk was dat niet verstandig. Maar toen bleek dat hij een krant gelezen had, waarin de vader van Annie Cloet vertelde dat hij er zeker van was dat zijn dochter destijds vermoord was. Decommere interpreteerde dat justitie dat ook al wist…. De volgende dag kreeg hij onder zijn voeten van zijn advocaat en probeerde hij zijn bekentenis nog in te trekken, maar dat is niet meer gelukt.”

De zaak-De Gelder: “Niet toerekeningsvatbaar? Waanzin!”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

Hans Hellebuyck onderzocht destijds Kim De Gelder, de jongeman die in januari 2009 een bloedbad aanrichtte in het kinderdagverblijf Fabeltjesland in Dendermonde. Tijdens het onderzoek bleek dat hij een week eerder ook een bejaarde boerin had vermoord in Vrasene. Momenteel loopt een procedure om de intussen 30-jarige man ontoerekeningsvatbaar te laten verklaren. Hij zou schizofreen zijn.

Het onderzoek

“Als er discussie is tussen gerechtspsychiaters, gaat het meestal over persoonlijkheidsstoornissen”, zegt Hans Hellebuyck. “Het zijn afwijkende karakters, waardoor mensen niet meer goed functioneren. Naar mijn mening zijn zij wel toerekeningsvatbaar. Ze weten heel goed dat ze een crimineel feit plegen. Het mooiste voorbeeld is Kim De Gelder. Of hij toerekeningsvatbaar is? Natuurlijk, ja! Alle politiemensen zagen het onmiddellijk: dat was iemand die een ziekte veinsde.”

“De Gelder ontoerekeningsvatbaar? Dat is waanzin! Dat kan gewoon niet”, vindt Hans Hellebuyck. “Dat is hetzelfde als zeggen dat hij onschuldig is. En een schizofreen kan je vrij goed behandelen. Dan zou hij na de behandeling ook vrijgelaten kunnen worden.”

De dader

“De eerste moord van Kim De Gelder op die bejaarde dame, dat was een perfecte moord. Een schizofreen is daar niet toe in staat. Een gestoord karakter wel. Maar ontoerekeningsvatbaar? Bah nee! Zijn ouders hadden jaren voor de feiten al geprobeerd om hem te laten colloqueren, maar het is niet gelukt. Omdat de psychiater toen ook geen psychose had vastgesteld.”

De zaak-Wesphael: “Heel veel vragen bij zijn vrijspraak”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

Bernard Wesphael, Waals Parlementslid en medestichter van Ecolo, werd in november 2013 aangehouden op verdenking van moord op zijn vrouw in een Oostendse hotelkamer. In oktober 2016 sprak het hof van assisen in Bergen hem vrij omdat er te veel twijfel bleef.

Het proces

“Dat proces verliep niet serieus”, is de stellige overtuiging van Hans Hellebuyck, die Bernard Wesphael onderzocht. “Ik hield er mijn uiteenzetting. Daarna kwamen de tegenexperten aan het woord, maar ik kreeg de mogelijkheid niet meer om te repliceren. Wesphael werd vrijgesproken op basis van twijfel. Ik vraag me af waarom de voorzitter niet het nodige heeft gedaan om die twijfel weg te nemen. Door verder onderzoek te bevelen of nog getuigen op te roepen.”

“Zijn vrouw gestorven aan een dodelijke mix van pillen en drank? Ze had minder dan 3 promille in haar bloed. Daarvan ga zelfs ik niet dood en ik drink normaal niet”, schampert Hellebuyck. “En in haar maag werden geen pillen gevonden. Voor het proces was ik er 100 procent van overtuigd dat Wesphael veroordeeld zou worden.”

“Hoe die zaak in de pers kwam, grenst aan het onwaarschijnlijke. Er zijn heel negatieve dingen geschreven over het Brugse parket, de onderzoeksrechter en de gerechtelijke politie. Terwijl die mensen hun werk heel serieus gedaan hebben.”

De dader

“Wesphael is een marginaal, die zelfs bij zijn partij in diskrediet was geraakt. Hij had zijn huis moeten verkopen om schulden te betalen. Een mislukkeling op alle vlakken. Ik heb veel vragen bij zijn vrijspraak. Maar de rechter in Bergen, dat was gene gewone.”

De ‘onthoofder’: “Tegen mij bekende hij eerdere moord”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

In het voorjaar van 2004 komt Jean-Pierre Decommere, intussen overleden, helemaal onder het bloed aan op het appartement van zijn nieuwe vriendin in Koksijde. Zij belt de politie, waarop die besluit om het appartement van de man in Sint-Idesbald te doorzoeken. Ze vinden er het lijk van Annie Devos, zijn vorige vriendin. Haar hoofd ontbreekt.

Het onderzoek

Decommere legt al snel bekentenissen af. Twee weken eerder had hij zijn vriendin het hoofd in geslagen, dat hoofd afgezaagd en gedumpt in een vuilniscontainer. Tijdens het psychiatrisch onderzoek bekent hij een tweede moord, elf jaar eerder, op zijn toenmalige echtgenote Annie Cloet. Zij was dood aangetroffen in bad, de polsen overgesneden. Haar overlijden was geklasseerd als zelfmoord.

De dader

“Het is aan mij dat Decommere die eerste moord bekende”, vertelt Hans Hellebuyck. “De speurders zeiden me vooraf dat het zeker zelfmoord was. Toen ik hem ging spreken in de gevangenis, vroeg ik: ‘Zal de jury geloven dat het zelfmoord was?’. Ik mag niet zeggen ‘je liegt’, want dan kan ik gewraakt worden. Daarom vroeg ik het met een omweg. Tot mijn verbazing zei hij onmiddellijk: ‘Nee, dat was moord’. Ik vroeg me af waarom hij dat plots bekende. Eigenlijk was dat niet verstandig. Maar toen bleek dat hij een krant gelezen had, waarin de vader van Annie Cloet vertelde dat hij er zeker van was dat zijn dochter destijds vermoord was. Decommere interpreteerde dat justitie dat ook al wist…. De volgende dag kreeg hij onder zijn voeten van zijn advocaat en probeerde hij zijn bekentenis nog in te trekken, maar dat is niet meer gelukt.”

De zaak-De Gelder: “Niet toerekeningsvatbaar? Waanzin!”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

Hans Hellebuyck onderzocht destijds Kim De Gelder, de jongeman die in januari 2009 een bloedbad aanrichtte in het kinderdagverblijf Fabeltjesland in Dendermonde. Tijdens het onderzoek bleek dat hij een week eerder ook een bejaarde boerin had vermoord in Vrasene. Momenteel loopt een procedure om de intussen 30-jarige man ontoerekeningsvatbaar te laten verklaren. Hij zou schizofreen zijn.

Het onderzoek

“Als er discussie is tussen gerechtspsychiaters, gaat het meestal over persoonlijkheidsstoornissen”, zegt Hans Hellebuyck. “Het zijn afwijkende karakters, waardoor mensen niet meer goed functioneren. Naar mijn mening zijn zij wel toerekeningsvatbaar. Ze weten heel goed dat ze een crimineel feit plegen. Het mooiste voorbeeld is Kim De Gelder. Of hij toerekeningsvatbaar is? Natuurlijk, ja! Alle politiemensen zagen het onmiddellijk: dat was iemand die een ziekte veinsde.”

“De Gelder ontoerekeningsvatbaar? Dat is waanzin! Dat kan gewoon niet”, vindt Hans Hellebuyck. “Dat is hetzelfde als zeggen dat hij onschuldig is. En een schizofreen kan je vrij goed behandelen. Dan zou hij na de behandeling ook vrijgelaten kunnen worden.”

De dader

“De eerste moord van Kim De Gelder op die bejaarde dame, dat was een perfecte moord. Een schizofreen is daar niet toe in staat. Een gestoord karakter wel. Maar ontoerekeningsvatbaar? Bah nee! Zijn ouders hadden jaren voor de feiten al geprobeerd om hem te laten colloqueren, maar het is niet gelukt. Omdat de psychiater toen ook geen psychose had vastgesteld.”

De zaak-Wesphael: “Heel veel vragen bij zijn vrijspraak”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

Bernard Wesphael, Waals Parlementslid en medestichter van Ecolo, werd in november 2013 aangehouden op verdenking van moord op zijn vrouw in een Oostendse hotelkamer. In oktober 2016 sprak het hof van assisen in Bergen hem vrij omdat er te veel twijfel bleef.

Het proces

“Dat proces verliep niet serieus”, is de stellige overtuiging van Hans Hellebuyck, die Bernard Wesphael onderzocht. “Ik hield er mijn uiteenzetting. Daarna kwamen de tegenexperten aan het woord, maar ik kreeg de mogelijkheid niet meer om te repliceren. Wesphael werd vrijgesproken op basis van twijfel. Ik vraag me af waarom de voorzitter niet het nodige heeft gedaan om die twijfel weg te nemen. Door verder onderzoek te bevelen of nog getuigen op te roepen.”

“Zijn vrouw gestorven aan een dodelijke mix van pillen en drank? Ze had minder dan 3 promille in haar bloed. Daarvan ga zelfs ik niet dood en ik drink normaal niet”, schampert Hellebuyck. “En in haar maag werden geen pillen gevonden. Voor het proces was ik er 100 procent van overtuigd dat Wesphael veroordeeld zou worden.”

“Hoe die zaak in de pers kwam, grenst aan het onwaarschijnlijke. Er zijn heel negatieve dingen geschreven over het Brugse parket, de onderzoeksrechter en de gerechtelijke politie. Terwijl die mensen hun werk heel serieus gedaan hebben.”

De dader

“Wesphael is een marginaal, die zelfs bij zijn partij in diskrediet was geraakt. Hij had zijn huis moeten verkopen om schulden te betalen. Een mislukkeling op alle vlakken. Ik heb veel vragen bij zijn vrijspraak. Maar de rechter in Bergen, dat was gene gewone.”

De ‘onthoofder’: “Tegen mij bekende hij eerdere moord”

Gerechtspsychiater Hans Hellebuyck:
© BELGA

De feiten

In het voorjaar van 2004 komt Jean-Pierre Decommere, intussen overleden, helemaal onder het bloed aan op het appartement van zijn nieuwe vriendin in Koksijde. Zij belt de politie, waarop die besluit om het appartement van de man in Sint-Idesbald te doorzoeken. Ze vinden er het lijk van Annie Devos, zijn vorige vriendin. Haar hoofd ontbreekt.

Het onderzoek

Decommere legt al snel bekentenissen af. Twee weken eerder had hij zijn vriendin het hoofd in geslagen, dat hoofd afgezaagd en gedumpt in een vuilniscontainer. Tijdens het psychiatrisch onderzoek bekent hij een tweede moord, elf jaar eerder, op zijn toenmalige echtgenote Annie Cloet. Zij was dood aangetroffen in bad, de polsen overgesneden. Haar overlijden was geklasseerd als zelfmoord.

De dader

“Het is aan mij dat Decommere die eerste moord bekende”, vertelt Hans Hellebuyck. “De speurders zeiden me vooraf dat het zeker zelfmoord was. Toen ik hem ging spreken in de gevangenis, vroeg ik: ‘Zal de jury geloven dat het zelfmoord was?’. Ik mag niet zeggen ‘je liegt’, want dan kan ik gewraakt worden. Daarom vroeg ik het met een omweg. Tot mijn verbazing zei hij onmiddellijk: ‘Nee, dat was moord’. Ik vroeg me af waarom hij dat plots bekende. Eigenlijk was dat niet verstandig. Maar toen bleek dat hij een krant gelezen had, waarin de vader van Annie Cloet vertelde dat hij er zeker van was dat zijn dochter destijds vermoord was. Decommere interpreteerde dat justitie dat ook al wist…. De volgende dag kreeg hij onder zijn voeten van zijn advocaat en probeerde hij zijn bekentenis nog in te trekken, maar dat is niet meer gelukt.”

Zeg et ne keer

Waar heb je een fout gezien of heb je zelf een suggestie? Laat het ons dan weten.